https://www.ministrando.org/sitemap.xml.gz

maart 2022- … 

Aantekeningen bij Kierkegaard: „Afsluitend onwetenschappelijk naschrift” (1846)

Bij geen aandacht en geen recensies (ook bij mij het geval): niets van aantrekken, dan blijf je onafhankelijk en „blijf ik als het ware mijn gedachten kneden tot het deeg naar mijn oordeel goed is” en „Erkenning is een hachelijker zaak… Van een bewonderaar kom je minder makkelijk af”.

Waarmee moet de wetenschap beginnen? Met geloof of mogen er absoluut geen vooronderstellingen zijn? Moeten we eerst geloven in de rede? Is geloof een eerste vorm van kennis die moet evolueren naar een hogere vorm van weten? Is het christendom het historisch uitgangspunt voor een eeuwig bewustzijn van de enkeling?

Het objectieve probleem is de waarheid van het christendom. Het subjectieve probleeem is de verhouding van het individu (de enkeling) tot het christendom. Het christendom  wil mijn ik eeuwig zalig maken en dit vooronderstelt mijn eeuwige interesse in die zaligheid. Heb ik die hartstocht niet verloren?

De verheven rust van de wetenschapper is gelegen in het belangeloos objectief willen zijn; want hij is niet op een hartstochtelijke wijze oneindig persoonlijk geïnteresseerd.

Het historisch, objectief weten van het christendom is slechts een approximatie en staat daarom in wanverhouding tot de persoonlijke oneindige interesse.

Al het onderzoek naar de betrouwbaarheid, de echtheid, de authenticiteit van de Schriften is nog te weinig om daarop mijn eeuwige zaligheid te baseren.

De hartstochtelijk betrokken persoonlijke, oneindige interesse van het subject is de mogelijkheid van het geloof en daarna het geloof zelf, de vorm van de eeuwige zaligheid en daarna de eeuwige zaligheid. Maar helaas is men te objectief geworden. De hartstochtelijk betrokken oneindige persoonlijke interesse geeft men op om maar objectief te worden [dit toepassen op de psychologie: als objectieve wetenschap heeft het niets te zeggen over wat de mens precies beroert, namelijk de ziel of nog beter: het verlangen naar God, naar de eeuwige zaligheid of het bij God nabij zijn].

Het geloof resulteert niet uit een eenvoudig en direct wetenschappelijk betoog …. integendeel, bij een dergelijke objectiviteit verliest men de hartstochtelijk betrokken oneindige, persoonlijke interesse, die voorwaarde is voor het geloof.

In de absoluut volmaakte wereld is geloof ondenkbaar.

… dat het probleem subjectief gesteld moet worden en dat het een misvatting is zich objectief te willen veiligstellen en daardoor het risico te vermijden waarin de hartstocht een keuze maakt en haar keuze ook blijft verdedigen.

… objectief, een woord dat in onze tijd een eretitel is waarmee denkers en profeten elkaar iets groots menen toe te roepen.

Met betrekking tot het christendom is ’objectief’ daarentegen een hoogst ongelukkige categorie. Want christendom is nu juist een zaak van de geest, van de subjectiviteit en van de innerlijkheid. Het is vrij van elk systematische geweld en is puur persoonlijk van aard, want het construeren van een systeem doet de werkelijkheid geweld aan. De subjectiviteit verhindert elk historisch zinsbedrog, elke objectieve de zaken omdraaiende vervalsing [pas dit toe op de psychologie: alle pogingen om de mens empirisch te begrijpen, verhinderen door te dringen tot het wezenlijke van de mens ].

Deze aantekeningen worden hier niet verder gepubliceerd, maar worden opgetekend op een privé document. Misschien komt daar een essay uit voort.


 



   © Juliaan Van Acker 2022